Inhoudsopgave
Wie heeft anorexia ontdekt?
Geschiedenis. Het ziektebeeld is onder de naam “Apepsia hysterica” voor het eerst beschreven door de Engelsman William Gull in 1868. Later veranderde hij de benaming in “Anorexia hysterica” en in 1873 uiteindelijk in “Anorexia nervosa”.
Hoe weet je of iemand een eetstoornis heeft?
Hoe herken je anorexia nervosa?
- Overheersende angst om ‘dik’ te worden (of te blijven)
- Obsessieve gedachten op het gebied van eten.
- Ondergewicht, meestal een ‘mager’/’uitgehongerd’ overkomen.
- Verstoord lichaamsbeeld (je voelt je ‘dik’ terwijl dit niet realistisch is)
Hoe anorexia begon?
Hoe het begon Ik had een bijbaantje, kon sporten en genoot van het leven. Beter kon ik het me niet wensen. Tijdens mijn studie zat ik op kamers en ik zorgde goed voor mezelf. Wel had ik altijd het idee dat mijn buikje wat minder kon en dus begon ik op mijn voeding te letten.
Waar komen eetstoornissen vandaan?
Een eetstoornis ontstaat door een combinatie van factoren: aanleg, omgeving, ingrijpende gebeurtenissen en persoonlijke eigenschappen. Eetstoornissen ontstaan vaak in of na de puberteit. Dit is een levensfase met grote veranderingen.
Kan iedereen een eetstoornis krijgen?
‘Het zit in de familie’: uit onderzoek komt enig bewijs naar voren voor een erfelijk bepaalde aanleg voor het krijgen van een eetstoornis. Aanleg alleen is echter vaak niet voldoende om ook daadwerkelijk een eetstoornis te ontwikkelen. Meestal zijn er dan ook andere (omgevings-)factoren in het spel.
Hoe leven met anorexia?
Mensen met anorexia hebben een vervormd beeld van hun lichaam. Ze vinden zichzelf te dik en eten zo min mogelijk om af te vallen. Ze proberen hun eetproblemen zo veel mogelijk te verbergen voor hun omgeving. Er ontstaat een dubbelleven met uitvluchten, trucs en leugens.
Hoe snel aankomen na anorexia?
Van aankomen kun je enorm schrikken en kan lijnen opnieuw uitlokken. Onthoud dat je lichaam zich probeert te herstellen en dat heeft tijd nodig. Gemiddeld 6 maanden tot 1,5 jaar. Dit afhankelijk van de schade en achterstand op lichamelijk niveau.